Preek: Heersen en Bewaken

God schiep de mens als zijn evenbeeld, als evenbeeld van God schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep Hij de mensen. (Genesis 1: 27 NBV)

Toen maakte God, de Heer, de mens. Hij vormde hem uit stof, uit aarde, en blies hem levensadem in de neus. Zo werd de mens een levend wezen. (Genesis 2: 7 NBV)

Twee scheppingsverhalen
De samenstellers van Genesis vonden het blijkbaar erg belangrijk dat de mens beseft, dat zijn bestaan niet het gevolg is van een onverwachte speling van de natuur, maar dat hij geschapen is door God. Ze kiezen voor twee verhalen, waarin ze dezelfde karakteristiek naar voren brengen. De mens is gemaakt door een grotere kracht die hem riep en op hem rekent.
Het eerste scheppingsverhaal kenmerkt zich door een strenge, poëtische vorm. Het verwijst naar de wezenlijke elementen van het leven op aarde. Over de mens, man en vrouw, wordt gezegd dat deze geschapen is als het evenbeeld van God. Het tweede verhaal is duidelijk minder ritmisch en geordend opgebouwd. De stijl is vertellend en de schepping van de mens staat centraal. De mens werd een levend wezen toen God hem Zijn adem inblies.
Vanwege hun verschillend karakter laten de verhalen zich moeilijk in elkaar schuiven. Maar dit, zo’n samensmelting, is ook het laatste wat nodig is. Zoals een scheepskapitein met behulp van zowel groene als rode boeien de vaargeul vindt en op deze manier voorkomt dat zijn schip strandt, zo kunnen wij dankzij beide verhalen de weg ontdekken die wij moeten gaan.

Twee taken
In het eerste, poëtische scheppingsverhaal krijgt de mens de taak om de aarde te bevolken en haar onder zijn gezag te brengen. De Naardense Bijbel gebruikt het woord “bedwingen”. Toch hoeven we het Hebreeuwse woord niet in autoritaire zin te verstaan. In het Nederlands is er ook een verschil in betekenis tussen beheersen en beheren. Als we de opdracht krijgen om een school of een supermarkt te beheersen, dan maakt dat andere krachten in ons vrij, dan wanneer ze tegen ons zeggen dat we die moeten beheren. In het eerste geval zetten we in op macht. We moeten het gezag en de heerschappij zien te winnen. Wordt van ons gevraagd dat we de gang van zaken in een school of supermarkt moeten beheren, dan is onze bereidheid om te luisteren en zelfs om te dienen groter. Het Hebreeuwse werkwoord dat we als heersen of bedwingen vertalen, kan ook met de betekenis ploegen in verband worden gebracht. De boer die ploegt, doet dat niet om het land aan zijn heerszucht te onderwerpen. Hij ploegt om de akker klaar te maken voor een goede opbrengst.
In het tweede verhaal wordt in de opdracht die God aan de mens geeft, niet meer gesproken over onderwerpen, heersen of bedwingen. God geeft de mens de taak om de tuin te bewerken en erover te waken, of zoals in de Naardense Bijbel vertaald wordt, te dienen en te bewaken. Het Hebreeuwse woord voor dienen kan ook betekenen slavenarbeid doen. We zijn niet vrij om de aarde te gebruiken, zoals we maar willen. We zijn gebonden aan haar mogelijkheden en beperkingen. Het Hebreeuwse woord dat met waken vertaald kan worden, draagt de betekenissen behouden en behoeden met zich mee. Onze opdracht is niet om de natuur eens een lesje te leren. Ons opdracht is het om zorgzaam en verantwoordelijk met de schepping om te gaan.

Beheren en behoeden
Is het onze taak om onze leefomgeving of een organisatie te behoeden, dan moeten we die ook beheren. Er moeten beslissingen gemaakt worden, grenzen getrokken worden, met ferme hand ingegrepen worden. Zo is het ook met de schepping van God. God draagt ons op om tegenover de machtige natuur met gezag te handelen, want ze kan rampzalig tekeergaan. En is het onze taak om een leefomgeving of organisatie te beheren, dan moeten we die ook behoeden. We moeten met ontferming handelen, geduldig zijn, trouw blijven en oprecht.
Het zou voor ons allemaal te veel gevraagd zijn, als God ons niet had geschapen als Zijn evenbeeld, als Hij niet Zijn levensadem in ons had geblazen.

Ds. P.J. Rebel