KERST IS VOORBIJ, ZIJN BOODSCHAP NIET

Overdenking van Ds. Rebel: 

Maar uit de stronk van Isaï schiet een telg op,

een scheut van zijn wortels komt tot bloei.”

Jejaja 11: 1

Er is een roos ontloken / uit barre wintergrond,

zoals gesproken / door der profeten mond.”

Gezang 132 / NLB 473

De boodschap van het kerstfeest

Het kerstfeest is weer voorbij, maar we kunnen niet zeggen dat het goede nieuws dat het feest ons brengt, ook achter ons ligt. Want het kerstfeest geeft ons een boodschap mee, waarmee wij vooruit kunnen. Het wil ons troost, vertrouwen en hoop meegeven voor alle dagen die donker zijn. Het leven kan door ingrijpende gebeurtenissen plotseling zijn licht en kleur verliezen. Een lied dat de kerstboodschap voor ons vasthoudt en daarom op ieder moment gelezen kan worden, is gezang 132 (het oude liedboek) of lied 473 (het nieuwe liedboek). De tekst van het lied is een vertaling die de dichter Jan Wit maakte van een Duits lied uit de 16e eeuw.

Gezang om te mediteren

Aangenomen wordt dat het gezang afkomstig is uit de kloostertraditie. Zijn woorden vormen een allegorisch gedicht. Het maakt gebruik van beeldspraak om een diepere boodschap over te brengen. Het bericht niet simpel: “Jezus is geboren”, zoals elke krant dat zou doen. Het zoekt naar beelden en symbolen om behalve het bericht de diepere betekenis van deze geboorte over te brengen. Dat Jezus geboren is, is niet zomaar een mededeling. Dit is een mededeling die ons op een nieuwe manier in het leven wil laten staan. Door het komen van Jezus mogen we ons in het verdriet getroost, in de onzekerheid bevestigd en in de hopeloosheid bemoedigd weten. De beelden die zijn gekozen, wijzen ons de weg naar deze verandering. Ze nodigen ons uit om over ze na te denken, om over ze te mediteren, om ze ter harte te nemen.

Onze werkelijkheid en Gods werkelijkheid

In zijn vrije en creatieve vertaling verwoordt Jan Wit de diepere betekenis van het komen van Jezus in de laatste twee regels van het derde couplet: “God komt zijn volk bezoeken in ’t midden van de dood.” Het eerste couplet sluit hij af met “in ’t midden van de nacht”. Het tweede met “in ’t midden van de tijd”. Samen met de laatste regel van het derde couplet “in ’t midden van de dood” kenmerkt hij met deze drie slotregels onze werkelijkheid. Het leven kan ons soms net zo in verwarring brengen als de donkerste middernacht dat doet. De tijd glijdt als zand tussen onze vingers door en we zijn sterfelijk.

Dat is onze werkelijkheid en in het midden van deze werkelijkheid komt het bericht dat Jezus is gekomen. De diepe betekenis van dit bericht is, dat God ons in onze werkelijkheid komt bezoeken. Jezus is de roos, die onze winterkou verdroeg. Hij is de bloem van Gods behagen, van Gods liefde. In nacht, tijd en dood brengt Jezus ons in aanraking met licht, eeuwigheid en leven. Wat dit voor ons betekent, kan onmogelijk in twee kerstdagen bij ons landen. We zullen hier meer tijd en aandacht aan moeten besteden.

Ds. P. J. Rebel