Gedachtenis de heer Kwint

Op 21 maart overleed Albert – Ab – Kwint. Hij was 85 jaar. Hij woonde niet meer thuis, maar verbleef sinds korte tijd in een verpleeghuis, waar hij is overleden. Voor mevrouw Kwint werd, na zelf ernstig ziek te zijn geweest, de verzorging van haar man die aan dementie leed, te zwaar.

Omdat haar man in alles afhankelijk van haar geworden was, kon hij onmogelijk nog thuis blijven wonen. De beslissing konden zij en haar kinderen niet meer samen met hem, maar moesten ze vóór hem nemen. Het maakte dit moeilijke besluit nog pijnlijker en verdrietiger. Na een huwelijk van 62 jaar zouden ze niet meer in hetzelfde huis wonen. Liefde wil altijd geven en wat ze geeft, vindt ze nooit genoeg. Ze wil meer geven dan ze kan, omdat, zoals Paulus schrijft in zijn brief aan de Korintiërs, ze vol “goedheid is. Ze kent geen zelfgenoegzaamheid.” (1 Korintiërs 13: 4).
In de afscheidsviering waarbij vanwege de coronacrisis alleen het gezin aanwezig kon zijn, las mevrouw Kwint een gebed voor van Nel Benschop met de titel Gebed om moed. In de laatste regel wordt aan God gevraagd: “Maar geef mij toch, alstublieft, een klein beetje moed.” We hoeven niet voor God te verschijnen met een groot geloof en met grote woorden om Hem te vragen of Hij ons in ons verdriet en onze gebrokenheid niet wil vergeten. Dat ‘liefde wil geven’, is helemaal waar voor de liefde van God. Voor ons lijkt de hemel vaak leeg te zijn en is Gods liefde onbereikbaar ver weg. Toch is een klein en onaanzienlijk geloof en zijn bescheiden, eenvoudige woorden voldoende om te ervaren, hoe de liefde van God ons weet te vinden. Als een klein beetje moed, als een klein beetje troost, als een klein beetje kracht dringt Gods overvloedige en heelmakende liefde tot ons door. Mogen mevrouw Kwint, Marianne, haar broer en zijn vrouw en de kleinkinderen in het verdriet en het gemis ervaren dat Gods liefde bij hen blijft.