Geen water svp!

Over de planten in de kerk

Aan de linker- en de rechterkant van het liturgisch centrum van de Tuindorpkerk te Utrecht staan twee bloempotten. Ze vallen niet op, al zijn ze verre van klein. Ze zien eruit als kanonslopen. Gelukkig zijn ze niet op de bezoekers gericht die nu weer mondjesmaat onze vieringen meemaken. Veel kwaad zou dat overigens niet kunnen: er zit geen kruit in maar potgrond en het zijn cilinders van aardewerk, niet van brons. Ik zie ook geen lont. En ze wijzen recht omhoog.

Mij vallen ze alleen op als ik een boodschap moet doen bij de tafel van het liturgisch centrum en van de zijkant kom. Dan moet je er namelijk langs. Ze vielen me ook op tijdens de open kerkochtenden in juni. Beide potten zijn bijna tot de rand gevuld met grond; er steekt een metertje of iets in en er ligt een briefje in. Het verschil is dat uit de ene pot sprieten steken waarvan ik niet goed weet of het om iets palmachtigs gaat of dat het familie is van de rietstengel. In de andere pot vind je de schamele resten van een plant die het al een tijd geleden heeft opgegeven.

Het briefje in beide potten geeft mogelijk aan waarom de ene plant zo weinig tiert en de andere al dood is. ‘Geen water geven, s.v.p. ‘ staat erop. Navraag bevestigt die veronderstelling. De planten zijn waarschijnlijk vloeibaar doodgeknuffeld. Zo zijn kerkmensen: ze zorgen graag, en dan is wat water voor een plant wel het minste wat je kunt doen.
Het kunnen mensen van de interieurcommissie zijn, de hulpkosters, de voorzitter van de kerkenraad, alle leden van de bloemencommissie, onze eigen tuinbroeders, de leden van de commissie Groene Kerk. Het kan, en misschien gedenken ze de planten allemaal wel. Doodgeknuffeld dus.

Misschien ook hebben we te maken met een oud christelijk gebruik, dat bij sommigen levend is gehouden. Vroeger (en nu nog bij de doop) maakte het gebruik van water deel uit van de liturgische handeling. Wat over was van dat water werd via de piscina afgevoerd. Een piscina was een bekken bij het altaar, vaak in een nisje in de muur, met een afvoergootje waardoor het gewijde water op de eveneens gewijde grond van het kerkhof vloeide dat naast de kerk lag. Gods water over Gods akker laten lopen. Misschien biedt die uitdrukking wel een mogelijke verklaring voor het al te hoge waterpeil in de twee potten. Weliswaar zijn we met de piscina wel ver weg geraakt van de protestantse gang van zaken tijdens een viering, maar sommige tradities zijn hardnekkig. Naast Sinterklaas en de kerstboom hebben we blijkbaar ook het lozen van water in de gewijde grond van een bloempot.

De plant in de linkerpot heeft de gemeenteleden toegewoven afgelopen zondag. Het briefje ligt nog steeds bij zijn wortels. De boodschap blijft, hoezeer dat ook indruist tegen je altruïstische hart: geen water geven!

Afgelopen zondag zagen we overigens hoe uit de pot rechts grote groene tongen tevoorschijn sprongen.
Er is namelijk een nieuwe plant aangeschaft. Die aanschaf ging wel gepaard met het verzoek om luid en duidelijk te vertellen dat de boodschap die voor zijn voorganger gold onverminderd van kracht blijft: geen water. Het staat op het briefje. Hier speelt nog iets anders een rol: de plant is van zijde. Hij heeft dus helemaal geen water nodig, sterker nog, we weten niet eens of hij kleurecht is. En stel je eens voor dat de kern van de nerven ervan uit ijzerdraad bestaat dat allesbehalve roestvrij is.

Echt of nep, levend of dood, als het om de planten van het liturgisch centrum gaat: geen water. Er wordt in voorzien.