Religie als unieke dimensie van de werkelijkheid.

Filosoof en voormalig opperrabbijn van Engeland Jonathan Sacks heeft in 2000 een fascinerend boekje laten verschijnen onder de titel Celebrating Life, De Viering van het Leven. Achtenvijftig columns geschreven voor de Times waarin hij essentiële en existentiële inzichten en wijsheid uit de Joodse levende traditie verbindt met actuele en urgente maatschappelijke vragen en vraagstukken.

Sacks slaagt er in alle 58 stukjes in een kerninzicht uit de Tora, De Richtingwijzing, te vertalen naar en te verbinden met de Chochma, de Wijsheid en Ervaringskennis in maatschappij, samenleving en cultuur. En daarbij weet hij ook steeds nieuwe taal te vinden om zowel die kerninzichten uit de Tora als de inzichten uit de Ervaringswereld van wat er nu maatschappelijk speelt te verwoorden en te verbeelden.

Culturele tegenkracht
Sacks stelt in de 58e column, Faith: the undiscovered country, dat religie in onze dagen de verschijningsvorm van een culturele tegenkracht heeft gekregen. Religie is gemarginaliseerd en heeft een slechte naam. In tijdschriften is alles wat met religie te maken geprivatiseerd en gereduceerd tot een bladzijde tussen die over tuinieren en reizen. God is alleen nog maar relevant in de vrije tijd. Eigenlijk is dat goed nieuws zegt Sacks, want het stelt ons in staat om fris naar religie en levensbeschouwing te kijken. Hij geeft dan het voorbeeld van schrijver G.K. Chesterton die ooit een verhaal wilde schrijven over een man die naar Australië wilde zeilen en per ongeluk in een cirkel zeilde en op de stranden van zijn eigen land belandde. Hij had het niet door en zag alles met een nieuwe bril. Het was allemaal zo vanzelfsprekend geworden dat het nieuw werd.

Het hart van religie
Het hart van geloven, van religie is volgens Sacks geen serie metafysische aannames. Het draait bij levensbeschouwing om de waardigheid van het persoonlijke, van de persoon van de mens, de persoonlijkheid van ieder schepsel en van God. En dat persoonlijke is dat wonderlijke vermogen dat mensen hebben om zich een andere toekomst voor te stellen, om te handelen op basis van die verbeeldingskracht en om een begin maken met het veranderen /vernieuwen van onze wereld. Religie gaat over díe dimensie van het mens zijn die door geen enkele wetenschappelijke theorie begrepen kan worden. Omdat ze over de dimensie van de werkelijkheid gaat waar oorzaak en gevolg ophouden en de creativiteit begint. Boven alles zegt Sacks gaat religie over dat ene kernmoment wanneer we ons bewust worden van onze eenzaamheid, waarin we juist anderen buiten ons zelf willen bereiken in taal en communicatie: andere mensen, andere schepselen en God. God, zegt rabbijn Sacks leeft in relaties. De meest kernachtige omschrijving van God is dat die leeft in de objectieve realiteit van het persoonlijke. Religie is volgens hem de grootste poging ooit ondernomen om de werkelijkheid te begiftigen met het menselijk gelaat.

Jodendom
Het Jodendom zegt hij is geen religie van heilige plaatsen of personen, maar van heilige woorden. Woorden die tot ons komen vanuit de Tora en die in de joodse traditie verstaan worden als de levende Stem van de Altijd Nabije die ons aanspreekt. Daarom is taal ook zo belangrijk omdat die de drager is van vele betekenissen. De woorden van de Tora willen ons antwoord opwekken en ons helpen met het opbouwen van vertrouwen in anderen en in de wereld die komen mag. En daarmee komen we bij het hart van zijn verhaal in deze column. Het Hebreeuwse woord Emoenah betekent ‘geloof’ en in de woorden van Sack wil dit zeggen: je eigen woord serieus nemen en erop vertrouwen dat anderen dat ook doen.
Met taal scheppen we onze waarden, drukken we onze idealen uit en creëren we mogelijkheden voor een genereuze samenleving op basis van rechtvaardigheid en barmhartigheid. Taal stelt ons in staat een visie op het leven te formuleren en die te communiceren. Zonder een visie valt een gemeenschap uit elkaar.

Een unieke dimensie
Wetenschap, politiek, economie, zijn de drie grote krachten in deze wereld die onpersoonlijk zijn. Dat is hun kracht. Wetenschap wordt anders een mythe, politiek vriendjes bevoordelen en economie een handeltje in voorkeuren. Maar het is ook hun zwakte. Want er is één dimensie van het mens zijn en van menswording die zij niet vatten: wat maakt dat ik deze unieke, onvervangbare persoon ben, met deze hoop, dit verlangen, deze droom en deze angsten? Kunst gaat weliswaar ook over het persoonlijke, maar kunst is niet het geleefde leven. Daarin is religie een ongemeen krachtig verschijnsel dat juist het persoonlijke oproept en verandert in levende en dragende culturele en sociale relaties en verbanden: de familie, verenigingen en gemeenschappen, verhalen, rituelen, tradities, heilige tijden en gebeden. De grote religieuze tradities zijn duurzame voertuigen om het persoonlijke van mensen en schepselen met elkaar te verbinden, en samen te bundelen in de overkoepelende kracht van de goddelijke presentie.

Religie op zijn best
Religie is op zijn best als het een culturele tegenkracht wordt. Zij heeft geen macht, enkel invloed, geen autoriteit alleen het gezag dat het verdient; het vraagt aandacht van mensen, maar niet anders dan in het samen scheppen van (meer)waarde. Dan kan religie een nieuwe kracht worden die ons bevrijdt van onze eenzaamheid, ons bestaan oplaadt met betekenis en ons eraan herinnert, iets wat we snel vergeten, dat we de mogelijkheid hebben geluk overal om ons heen te ontwaren als we ons daarvoor openstellen en diep dankbaar zijn voor het leven dat ons geschonken is.

 

Bas van den Berg

Jonathan Sacks (2000) Celebrating Life, Finding Happiness in Unexpected Places. London: Bloomsbury.